Baby’s

Baby’s

Bij baby’s zijn er signalen die kunnen wijzen op motorische problemen. Bijvoorbeeld: passiviteit, lage spierspanning en weinig kracht, overstrekken, onrust, asymmetrie, moeite met houdingsveranderingen, eenzijdig bewegen. Ook chronische aandoeningen aan de luchtwegen of veel huilen kunnen een aanwijzing zijn dat er iets aan de hand is. In veel gevallen zullen de artsen of verpleegkundigen van het consultatiebureau of de huisarts een rol spelen bij het signaleren bij dergelijke problemen. Vaak geldt: hoe eerder het kind behandeld wordt door een kinderfysiotherapeut hoe geringer de verstoring voor de ontwikkeling van het kind is.

Kinderfysiotherapie is bij deze jonge kinderen vooral een samenspel van in de eerste plaats ouders en kind, samen met de kinderfysiotherapeut. In de eerst twee jaar wordt kinderfysiotherapie mede daarom vrijwel uitsluitend thuis gegeven. Zo kan de behandeling een onderdeel van het dagelijks functioneren worden.

Voorbeelden van indicaties bij baby’s zijn:

  • Motorische ontwikkelingsachterstand
  • Asymmetrische zuigeling, voorkeurshouding
  • Prematuur en / of dysmatuur geboren kinderen (te vroeg of te klein geboren)
  • Huilbaby
  • Cerebrale parese (hersenbeschadigd kind)
  • Spina Bifida
  • Plexus Brachialisletsel
  • Orthopedisch en/of aangeboren afwijkingen

 

Brachycephalie en plagiocephalie:

Ongeveer 15% van de baby’s ontwikkelt in het eerste levensjaar een schedeldeformatie. De voornaamste oorzaak is de voorkeurshouding, die ontstaat en in stand gehouden wordt door het slapen en spelen op de rug. Het langdurig liggen op één deel van het hoofd remt de groei op die plek. Zo kan brachycephalie of plagiocephalie ontstaan, een afplatting of een scheefgroei van de schedel.
We gebruiken de Skully care app om de schedelvorm te meten d.m.v. een foto. Dit is snel en betrouwbaar en inzichtelijk voor ouders. De ouders worden actief meegenomen in een interactief behandelplan.